|
Een regenachtige ochtend in
juli.
De
nieuwe beheerder geeft zijn tuinman opdracht
om het tuintje rond
huisje 55 kaal te
slaan. Huisje 55 is immers
'niet
van deze tijd'
en staat op de nominatie om gesloopt te
worden.
Niettegen-staande het
late broedseizoen wordt het
groen die dag voortvarend weggekapt.
Een paar dagen later.
Zorgzame parkbewoners hebben fleurige
bloembakken aan het huisje bevestigd als
afleidende blikvanger, omdat het huisje er
verlegen van wordt zo in het zicht te liggen.
Een
paar weken later
wandel
ik langs huisje 55. Verrast kijk ik op, want
het straalt me in alle openheid tegemoet.
Kijk nog even goed naar me, zegt het, kijk
eens met hoeveel liefde ik hier gebouwd ben.
Zie je mijn gordijntjes en zie je dat zelfs
de omgevallen boom mij niet klein kreeg?
Een
maand later
zie ik
in de verte huisje 55 liggen, net een
Zwitsers tafereeltje. Onder de dennenbomen
is dit het ontroerendste huisje op het park.
Ik
verbeeld me dat het leeghalen van
de tuin tot doel had dit huisje nog eenmaal
te laten stralen.
Dat het
bedoeld was als een hommage aan de mensen
die dit huisje langgeleden eigenhandig
bouwden.
Een
paar maanden later in mijn droom
Het
Openluchtmuseum te Arnhem laat weten
dolgraag huisje
55 in
zijn collectie te willen opnemen. Behoedzaam
wordt het huisje uit elkaar genomen en ter
plaatse weer opgebouwd. Kinderen kijken door
de gordijntjes naar binnen en zien een
gelukkige familie...
Huisje 55, een
monumentje van werkelijke re-creatie
|