|
Kleur
bekennen
27 november 2009
De boom met de rode bladeren valt extra
op. Nog even, dan zullen er geen bladeren
meer aan bomen zitten. De schapen lopen op
me af: “Wat doe je daar?” Zij zijn de baas
in deze wei, het is hun boom, ‘s zomers in
de felle zon schuilen ze eronder. Ze horen
in dit landschap, samen met de boom die zo
mooi rood kleurt.
Verder aan de Vuursche Weg staan goudgele
beukenbomen, stammen en takken komen al
tevoorschijn. Ze tonen zich uitbundig met
een allerlaatste bloei. Daarna zullen de
kleuren zich terugtrekken en zullen we
moeten wachten tot het voorjaar. De bomen
gebruiken hun allerlaatste krachten om nog
één keer te laten zien wie ze zijn. Het is
alsof ze nog één keer ‘kleur bekennen’.
Zo verging het mij ook de afgelopen tijd,
waarin velen samen met mij ‘kleur bekenden’.
Waar stonden we voor? Hoe lieten we ons zien
aan de omgeving, aan elkaar? Nog één keer
straalden we in herfsttooi: ‘Zo denken wij
erover.’ Er kwam duidelijkheid.
Inmiddels heeft de storm alles kaal
geblazen, het is veranderd buiten. Binnen
ook, we eten pepernoten en volgen het
Sinterklaasjournaal. Tijd om ons terug te
trekken voor huiselijke gezelligheid, voor
erwtensoep en chocolademelk.
|