|
De bunzing
door
Fridtjof Brinkhuis
Zit ik in het begin
van het seizoen 2008 van wat langer licht en
warmte te genieten op ons terrasje achter en
geniet van de inmiddels twee maanden oude
lente. Vlak voor het echt donker, schemert
beweging in mijn rechterooghoek. Ik kijk,
met adelaarsogen, niet dat ik die heb, maar
een brilletje van de Hema doet wonderen, en
zie ...niets. Geluid hoor ik, en van hoog-humor-gehalte.
Ik sluip naar de plek die mijn visueel
geheugen me wijst en met de lachwekkende
geluiden als gids sta ik , volkomen
overbluft te kijken en luisteren naar een
partijtje groenversgrasworstelen voor pas
uit-nestellende bunzings. Bunzings maken
geluiden als jonge poezen, en blazen ook zo,
tenminste, bij de “help mama” situaties. Nou,
en mama kwam! En zag, en overwon. Of ik als
bovenbuurman effies rekening met de kinders
wilde houden; die gaan namelijk om vijf uur
’s nachts naar bed en staan om elf uur ’s
avonds al weer te jengellen. De kinders
mocht ik niet fotograferen, maar moeders wilde,
onder voorbehoud dat ik dit pas in 2009
bekend zou maken, wel op de foto. Wat een
heerlijke plek!
|
|
|